Zij-instromers en ROC Leiden

Management samenvatting onderzoek ‘Zij-instromers en ROC Leiden’

Onderzoek en de relatie tot het perspectief op schoolontwikkeling

Er is een verschuiving te zien is in de wijze waarop tegen veranderingsprocessen in scholen wordt aangekeken. Voorheen werden veranderingen veel meer van buiten opgelegd. Leraren voelden zich daardoor niet serieus genomen. Dit is aan het veranderen. leraren vormen steeds meer het middelpunt van onderwijsinnovaties. Dit vraagt een sterkere betrokkenheid van leraren in scholen en maakt leraren en schoolleiders veel meer samen verantwoordelijk. Het serieus nemen van leraren in processen van onderwijsvernieuwing betekent dat zelfsturing en zelfverantwoordelijkheid centraal komen te staan en dat in teams samenwerkend leren een steeds grotere rol zal gaan spelen. Deze verschuiving in verantwoordelijkheden maakt het meer dan nodig dat de begeleiding en scholing van docenten in opleiding en zij-instromers hier op afgestemd wordt. Om dit voor elkaar te kunnen krijgen is het noodzakelijk dat de organisatie zicht heeft op verwachtingen en behoeftes van zij-instromers en dat begeleiding en scholing hierop kunnen worden afgestemd.

Resultaten/conclusies

Dit onderzoek laat zien dat werken met jongeren een belangrijke rol speelt bij de zij-instromers. Zij vinden het een grote uitdaging om voor een klas met jongeren te staan. De zij-instromers hebben aangegeven hoge verwachtingen te hebben van de motivatie van de jongeren. De ervaringen bij de zij-instromers op het gebied van werkdruk geven aan dat deze hoger is dan verwacht. De zij-instromers geven ook aan in meer of mindere mate gehinderd te worden door administratieve handelingen of ervaren deze als te zwaar. Eén op de twee zij-instromers heeft aangegeven nog veel te moeten leren op het gebied van pedagogiek en didactiek.

Uit de antwoorden van de zij-instromers valt op te maken dat het scholings- en begeleidingsprogramma zoals opgesteld in het document ‘Introductie en mentorschap’ (2007) op de werkvloer nog geen handen en voeten heeft gekregen.  In het document ‘Professionaliteit geborgd’ (2011) wordt gesproken over peersupport. Aan peersupport voor het verder professionaliseren van docenten wordt op dit moment echter nog geen concrete inhoud gegeven. Het scholingsprogramma van het Centrum voor Nascholing in Amsterdam is een competentiegerichte opleiding, waarin nieuwe didactische concepten een plaats hebben gekregen. In de opleiding wordt echter een onbalans ervaren tussen kennisoverdracht en vaardighedentraining.

De zij-instromers geven aan dat er geen sprake is van een gestructureerde begeleiding door een mentor/coach. Ruim de helft geeft aan dat er in hun opleidingsteam geen begeleidingsplan aanwezig is voor beginnende docenten. Intervisie vinden zij erg belangrijk, maar er wordt echter geen tijd of te weinig tijd aan gegeven. Ruim de helft van de zij-instromers vindt ook dat er voor wat betreft de inhoud van het scholingstraject voor het behalen van de BVE-bevoegdheid geen sprake is van maatwerk en dat er onvoldoende rekening wordt gehouden met eerder verworven competenties (EVC).

Veel van de bekwaamheidseisen voor onderwijsgevenden, die in de Wet op Beroepen in het Onderwijs staan (Staatsblad, 2005), zijn naar de mening van de zij-instromers onderbelicht gebleven in de begeleiding en scholing. Zo is er tijdens de cursus amper aandacht voor de interpersoonlijke competentie. In de cursus zou dieper ingegaan moeten worden op de verschillende lesstijlen, welke lesstijl het meest bij je past en hoe je dit het beste in je lessen vorm en inhoud kunt geven.  De vak- of beroepsinhoudelijk en didactisch competent zou volgens de respondenten meer praktisch ingevuld moeten worden. De competentie samenwerken met collega’s vraagt, net als bovenstaande competenties, om meer aandacht in de begeleiding en scholing.

De respons m.b.t. de kernkwaliteiten i.r.t. begeleiding en scholing heeft laten zien dat docenten zich in ieder geval wel bewust zijn van hun kernkwaliteiten, maar niet in staat zijn daar in de huidige  begeleiding en scholing handen en voeten aan te geven. Bovenstaande resultaten/conclusies zijn slecht een greep uit wat dit onderzoek heeft opgeleverd.

Probleemverheldering

Het is paradoxaal dat aan de ene kant veel zij-instromers aangeven dat zij in de eerste fase van hun dienstverband geen coaching en begeleiding hebben gekregen en dat aan de andere kant een medewerker van PSA (personeel en  salarisadministratie)  aangeeft zich zorgen te maken over het feit dat veel zij-instromers tussen één en drie jaar de organisatie al weer verlaten. Het is te kort door de bocht om nu zomaar te stellen dat het één de oorzaak is van het ander, maar het zou zo maar kunnen zijn dat vraag en aanbod niet goed op elkaar zijn afgestemd en dat maatwerk ontbreekt. Kennis en inzicht in verwachtingen, behoeftes en ervaringen van zij-instromers op het gebied van begeleiding en scholing zijn nodig om hier echt antwoord op te kunnen geven.

Doelstelling onderzoek

Om tot een goede begeleiding en scholing te kunnen komen is het noodzakelijk dat de organisatie ROC Leiden goed zicht heeft op de verwachtingen, behoeftes en ervaringen van de zij-instromers.  Met dit onderzoek wordt stapsgewijs antwoord geven op de vraag welk adequaat begeleidings- en scholingsprogramma nodig is, om er voor te zorgen dat vraag en aanbod zo op elkaar worden afgestemd, dat zij-instromers zich betrokken voelen bij de organisatie.

Theoretisch kader

Met enquêtes en open vragen is dit onderzocht. Aanknopingspunten voor de vraagstelling in enquêtes en de open vragen zijn gevonden in resultaten uit eerder onderzoek op dit gebied, het begeleidings- en scholingsprogramma wat ROC Leiden biedt en de bekwaamheidseisen die gesteld worden in de wet BIO. Resultaten uit eerder onderzoek geven aan dat zij-instromers hun eigen enthousiasme voor het vak graag willen overbrengen op jongeren. Het is hun wens om eerder opgedane kennis en ervaring in te zetten voor jongeren. De intensiteit in de begeleiding op scholen verschilt sterk. Veel zij-instromers voelen zich ‘in het diepe gegooid’. De begeleiding is volgens de ervaring van veel zij-instromers niet op orde is. Ook wordt de ondersteuning en begeleiding niet altijd lang genoeg gecontinueerd. Iedereen die in het onderwijs als leerkracht aan de slag wil gaan, zal aan deze bekwaamheidseisen moeten voldoen of zich daarin moeten bekwamen. De laatste jaren is een verschuiving te zien in de aandacht van buiten naar binnen de persoon van de leerkracht. De aandacht komt steeds meer te liggen op hoe leerkrachten zichzelf definiëren.

Onderzoeksopzet (soort onderzoek, instrumenten, doelgroep)

In dit onderzoek is nagegaan met welke verwachtingen en behoeftes de zij-instromers in de verschillende opleidingen van ROC Leiden zijn ingestroomd. Ook is het begeleidings- en scholingsprogramma in kaart gebracht dat de organisatie ROC Leiden aanbiedt. Er is onderzocht in welke mate het begeleidings- en scholingsprogramma aansluit bij de verwachtingen en behoeftes van de zij-instromers en hoe zij het begeleidings- en scholingsprogramma ervaren hebben.  Verder is onderzocht welke rol begeleiding en scholing gespeeld hebben in het zich eigen kunnen maken van de professionele beroepsidentiteit en op welke wijze de zij-instromers in de begeleiding en scholing in contact zijn gebracht met hun eigen kernkwaliteiten. Dit onderzoek is een beschrijvend onderzoek. In dit onderzoek is een gedetailleerde studie gedaan naar de zij-instromers, met de bedoeling de problematiek rond de zij-instromers in de opleidingen van ROC Leiden zo goed mogelijk in kaart te kunnen brengen en te begrijpen. Het ging hierbij om zowel kwantitatief als kwalitatief onderzoek. Kwantitatief materiaal is verzameld met de enquêtes die gingen over de verwachtingen en de behoeftes van zij-instromers en de ervaringen met begeleiding en scholing. Kwalitatief materiaal is verzameld met de vragenlijsten die gingen over de verwachtingen en de behoeftes van zij-instromers, de ervaringen met begeleiding en scholing, de professionele beroepsidentiteit en de kernkwaliteiten.

Alle in het variabelenschema genoemde variabelen zijn terug te vinden in het theoretisch kader en de instrumenten. De variabelen zijn gebruikt bij het samenstellen van de enquêtevragen en de open vragen die onder de respondenten zijn afgenomen.

In totaal hebben 17 zij-instromers een bijdrage geleverd aan dit onderzoek in de vorm van enquêtes en/of open vragen die onder hen zijn afgenomen.  De belangrijkste conclusies die op grond van dit onderzoek getrokken worden zijn hieronder per deelvraag samengevat.

Aanbevelingen onderzoek

De aanbevelingen en interventies aan het eind van het analyseverslag bieden de organisatie ROC Leiden de mogelijkheid zij-instromers in de begeleiding en scholing op het niveau van identiteit en betrokkenheid in contact te brengen met hun eigen kernkwaliteiten. De belangrijkste aanbevelingen en interventies hebben betrekking op klassenmanagement, werkvormen, de informatiemap, de begeleiding op de werkplek en intervisie. Daarnaast is het zo dat ik ook de nodige aanbevelingen doe in de richting van het opleidingsinstituut en de organisatie ROC Leiden.

Analyseverslag Zij-instromers en ROC Leiden

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s